
Wzd in de thuiszorg: wat betekent de Wet zorg en dwang?
Wie thuis zorg ontvangt vanwege dementie of een verstandelijke beperking, kan te maken krijgen met de Wet zorg en dwang (Wzd). Deze wet beschermt mensen tegen onvrijwillige zorg en legt vast wanneer zulke zorg toch kan worden overwogen. Dat geldt niet alleen in een zorginstelling, maar ook in de thuissituatie.
Voor wie geldt de Wzd?
De Wzd is bedoeld voor mensen met een psychogeriatrische aandoening, zoals dementie, of een verstandelijke beperking. De wet kan van toepassing zijn wanneer iemand zorg krijgt vanwege die aandoening en er sprake is van verzet tegen de zorg of van ernstig nadeel dat voorkomen moet worden.
Niet iedere lastige of onveilige situatie betekent automatisch dat de Wzd van toepassing is. De zorgaanbieder moet de omstandigheden en de wensen van de cliënt zorgvuldig beoordelen. Daarbij spelen ook de wilsbekwaamheid van de cliënt voor de betreffende beslissing en de rol van een eventuele vertegenwoordiger een belangrijke rol.
Wat is onvrijwillige zorg?
Onvrijwillige zorg is zorg waar de cliënt of diens vertegenwoordiger niet mee instemt. Ook zorg waartegen de cliënt zich verzet, kan onder de Wzd vallen. Verzet hoeft niet altijd met woorden te worden geuit: ook gedrag of lichaamstaal kan laten zien dat iemand de zorg niet wil.
Voorbeelden van zorg die onvrijwillig kan zijn, zijn:
- medicatie geven waartegen de cliënt zich verzet;
- de bewegingsvrijheid beperken, bijvoorbeeld door een deur op slot te doen;
- toezicht houden met camera’s, sensoren of andere hulpmiddelen;
- de cliënt beperken in contact met anderen;
- maatregelen nemen die de cliënt verhinderen om zelf keuzes te maken.
Of een maatregel daadwerkelijk onvrijwillige zorg is, hangt af van de situatie en de manier waarop deze wordt toegepast. Een hulpmiddel kan bijvoorbeeld bedoeld zijn om veiligheid te bieden, maar toch als beperkend worden ervaren.
Hoe werkt de Wzd thuis?
Thuiszorg vindt plaats in de persoonlijke leefomgeving van de cliënt. Daarom moet extra zorgvuldig worden gekeken naar wat nodig is en welke invloed een maatregel heeft op het dagelijks leven. Een zorgverlener hoort niet zomaar een beperking op te leggen omdat die praktisch lijkt of omdat familie daarom vraagt.
De zorgaanbieder bespreekt de situatie met de cliënt en, waar passend, diens vertegenwoordiger en betrokken zorgverleners. Eerst wordt gezocht naar vrijwillige oplossingen. Denk aan aanpassingen in de woning, een andere dagindeling, extra begeleiding of een hulpmiddel dat de vrijheid zo min mogelijk beperkt.
Als onvrijwillige zorg toch wordt overwogen, moet de zorgaanbieder de wettelijke stappen volgen. De noodzaak, de verwachte voordelen en de mogelijke nadelen worden afgewogen en vastgelegd in het zorgplan. De maatregel moet zo kort en licht mogelijk zijn en regelmatig worden geëvalueerd. Een deskundige, zoals de Wzd-functionaris, kan bij de beoordeling en het vervolg betrokken zijn.
Rechten van de cliënt en de rol van naasten
De cliënt heeft recht op uitleg over de voorgestelde zorg, op betrokkenheid bij beslissingen en op zorg die de persoonlijke vrijheid zo veel mogelijk respecteert. Een vertegenwoordiger kan de cliënt ondersteunen bij besluitvorming, maar kan niet zonder meer iedere vorm van onvrijwillige zorg goedkeuren. De wettelijke voorwaarden blijven gelden.
Naasten kunnen belangrijke informatie geven over de gewoonten, wensen en signalen van de cliënt. Bespreek zorgen daarom met het zorgteam en vraag hoe een beslissing tot stand is gekomen. Als de cliënt of vertegenwoordiger vragen heeft over de rechten, kan een cliëntenvertrouwenspersoon Wzd ondersteuning bieden. Deze vertrouwenspersoon kan helpen om de situatie te bespreken of een klacht voor te bereiden.
Wat kunt u doen bij zorgen?
- Bespreek uw zorgen met de vaste zorgverlener of de verantwoordelijke van de zorgaanbieder.
- Vraag welke alternatieven voor de maatregel zijn onderzocht en hoe de beslissing in het zorgplan is vastgelegd.
- Vraag om contact met een cliëntenvertrouwenspersoon Wzd als u uitleg of ondersteuning wilt.
- Blijft het probleem bestaan, vraag dan bij de zorgaanbieder naar de klachtenprocedure en de bevoegde klachtencommissie.
Zorg thuis met respect voor vrijheid
De Wzd is erop gericht een balans te vinden tussen veiligheid, goede zorg en de vrijheid van de cliënt. Onvrijwillige zorg is geen vanzelfsprekende oplossing: eerst moeten minder ingrijpende mogelijkheden worden onderzocht. Heldere communicatie tussen de cliënt, naasten en zorgverleners helpt om passende zorg te organiseren en de persoonlijke wensen zo veel mogelijk te respecteren.
Veelgestelde Vragen over de Wet zorg en dwang (Wzd) in Thuiszorg
- Wie mag er een Wzd aanvragen?
- Wat is ernstig nadeel bij Wzd?
- Wat is een Zorgverantwoordelijke Wzd?
- Welke maatregelen vallen onder Wzd?
- Wat valt er onder de Wzd?
- Wat zijn de indicaties voor thuiszorg?
- Welke zorg valt onder Wzd?
Wie mag er een Wzd aanvragen?
De Wzd zelf hoeft u niet aan te vragen: de wet kan van toepassing zijn wanneer iemand met dementie of een verstandelijke beperking zorg nodig heeft en zich tegen die zorg verzet. De cliënt, diens vertegenwoordiger, familie of een zorgverlener kan zorgen over de situatie bespreken met de zorgaanbieder en vragen om de Wzd-procedure te beoordelen. De zorgaanbieder onderzoekt vervolgens welke zorg nodig is en of onvrijwillige zorg wettelijk kan worden overwogen. Is opname met een rechterlijke machtiging nodig, dan dient het CIZ het verzoek in bij de rechter; familie kan dit niet rechtstreeks aanvragen.
Wat is ernstig nadeel bij Wzd?
Bij de Wet zorg en dwang (Wzd) is sprake van ernstig nadeel wanneer de cliënt of iemand anders ernstig gevaar loopt, bijvoorbeeld op levensgevaar, ernstig lichamelijk of psychisch letsel, verwaarlozing, ernstige materiële schade of een bedreiging van de veiligheid. Ook ernstige belemmering van de ontwikkeling of het welzijn kan hieronder vallen. Of er sprake is van ernstig nadeel, hangt af van de omstandigheden en moet zorgvuldig worden beoordeeld; alleen ongemak of een verschil van mening is niet automatisch voldoende. In de thuiszorg kan ernstig nadeel aanleiding zijn om onvrijwillige zorg te overwegen, maar eerst moeten passende, minder ingrijpende oplossingen worden onderzocht.
Wat is een Zorgverantwoordelijke Wzd?
Een Zorgverantwoordelijke Wzd is de zorgverlener die door de zorgaanbieder wordt aangewezen om de zorg voor een cliënt te coördineren volgens de Wet zorg en dwang. Deze persoon bespreekt het zorgplan met de cliënt en diens vertegenwoordiger, houdt rekening met hun wensen en beoordeelt samen met betrokken deskundigen of onvrijwillige zorg nodig is. Ook bewaakt de zorgverantwoordelijke dat eerst minder ingrijpende alternatieven worden onderzocht en dat eventuele onvrijwillige zorg zorgvuldig wordt vastgelegd en geëvalueerd.
Welke maatregelen vallen onder Wzd?
Onder de Wzd kunnen onder meer het geven van medicatie of medische behandelingen tegen de wil van de cliënt, het beperken van bewegingsvrijheid, insluiten, toezicht met bijvoorbeeld camera’s of sensoren, controle van kleding of lichaam en beperkingen van bezoek of dagelijkse keuzes vallen. Ook het controleren van de woning op gevaarlijke voorwerpen of middelen kan hieronder vallen. Thuiszorgverleners mogen zulke maatregelen niet zomaar toepassen: als de cliënt zich verzet of er geen instemming is, moeten de wettelijke voorwaarden en het stappenplan van de Wzd worden gevolgd.
Wat valt er onder de Wzd?
Onder de Wzd valt onvrijwillige zorg voor mensen met dementie of een verstandelijke beperking, zowel in een zorginstelling als thuis. Het gaat om zorg waar de cliënt niet mee instemt of waartegen die zich verzet, zoals medicatie toedienen, medische handelingen uitvoeren, bewegingsvrijheid beperken, toezicht houden of contact met anderen beperken. Ook afspraken die iemands vrijheid of zeggenschap over het dagelijks leven beperken, kunnen eronder vallen. De Wzd schrijft voor dat eerst minder ingrijpende alternatieven worden onderzocht en dat onvrijwillige zorg alleen onder wettelijke voorwaarden en met regelmatige evaluatie mag worden toegepast.
Wat zijn de indicaties voor thuiszorg?
De indicatie voor thuiszorg hangt af van de persoonlijke situatie en de benodigde ondersteuning. Gewone thuiszorg kan bijvoorbeeld worden ingezet bij hulp bij dagelijkse verzorging, verpleging of begeleiding; de financiering en beoordeling kunnen verlopen via de gemeente (Wmo), zorgverzekeraar (Zvw) of het CIZ (Wlz). De Wzd is geen thuiszorgindicatie: deze wet kan van toepassing zijn als iemand met dementie of een verstandelijke beperking zorg nodig heeft en onvrijwillige zorg wordt overwogen. De zorgaanbieder beoordeelt dan de situatie en onderzoekt eerst vrijwillige alternatieven.
Welke zorg valt onder Wzd?
Onder de Wet zorg en dwang (Wzd) valt zorg voor mensen met dementie of een verstandelijke beperking wanneer zij die zorg niet willen of zich ertegen verzetten. Het kan bijvoorbeeld gaan om medicatie, persoonlijke verzorging, toezicht, het beperken van bewegingsvrijheid of het beperken van contact met anderen. Dit geldt ook voor zorg thuis. Niet alle thuiszorg valt dus automatisch onder de Wzd: de wet is relevant wanneer sprake is van onvrijwillige zorg en de wettelijke voorwaarden zijn vervuld.
